LENTE
God zij geloofd in elk seizoen.
Hij maakt het aardse leven groen,
hij maakt het aardse leven groen.
Hij bindt ons door een recht geloof
tot zijn gemeente, schoof aan schoof.
Tot zijn gemeente, schoof aan schoof.
Hij heeft ons in de herfst bereid
de vrucht der volle zaligheid.
De vrucht der volle zaligheid.
(LvK 282)
Laat ik dit nieuwe jaar eens met een oud lied beginnen. Nou ja, hoe oud is oud? De melodie is oud, en komt uit De Cousemakers Chants populaires des Flamands de France 1856. Het is de wijs van “Heer Halewijn zong een liedekijn'. De tekst is uit 1952, van de hand van J.W. Schulte Nordholt (1920-1995). Hij schreef het voor een oogstdienst. Het was de tijd dat de polder nog piepjong was en de babyboomers net waren geboren. Het is een simpele tekst, en het tweede en derde vers klinken behoorlijk gedateerd. En toch...Het is levenskunst bij uitstek als je er in slaagt om God te loven in alle seizoenen van het leven. Dat lukt maar weinigen. Gisteren heb ik in Lelystad een uitvaart begeleid van een 97-jarige dame. Voor haar is dit laatste seizoen toch vooral een grimmige winter geweest. Laten we er geen doekjes om winden...
Zolas u al wel zult vermoeden, verwijst de titel niet alleen naar het jaargetijde, maar ook naar onze kleindochter Lente die op 8 december, in de herfst dus, geboren werd. Ik kan het nu even niet laten om haar ter sprake te brengen. U moet me dat maar niet kwalijk nemen. Dit stukje is in de week voor Kerst geschreven, op de verjaardag van mijn echtgenoot en van mijn vader. Morgen is de kerstpreek aan de beurt. Gisteren kwam de pasgeborene met haar vader en moeder mee naar huis. Ze heeft namelijk een tijdje op de couveuse-afdeling doorgebracht, samen met andere piepkleine mensjes, zogenaamde 'prematuurtjes'. Ze was namelijk een beetje te vroeg ter wereld gekomen. Haar oom gaf haar een voorleesboek over Kikker kado. Voorin schreef hij: Voor Lente; weet wel dat de zomer, de herfst en de winter ook bij het leven horen! Ja, dat zal ze vanzelf wel merken, maar nu nog maar even niet.
Haar naam, Lente, roept – niet toevallig- associaties op met nieuw begin, met groene blaadjes, maar ook met sociale en politieke processen die zich in de grote mensenwereld afspelen, zoals de Arabische Lente van het afgelopen jaar, waarbij we nu gespannen en bezorgd afwachten: hoe zal dat verder gaan? En deze week roept het overlijden van Vaclav Havel de Praagse Lente uit 1968 in herinnering. Bij beide processen gaat het om het grote verlangen naar democratie, vrijheid, mensenrechten. Het grote gevaar dat op de loer lag, in 1968 en daarna, en nu weer, is dat dit verlangen naar vrijheid wordt opgeslokt door consumptiedrift, door het willen hebben wat 'Het vrije Westen' ook heeft, of – tot voor kort- had: een leven als Rupsje Nooitgenoeg.
Het lijkt erop dat wij hier in West-Europa in een grimmige winter terecht zijn gekomen, maar dat – godzijdank! – ook hier het verlangen naar een nieuwe lente weer voorzichtig ontwaakt.
Daar kunnen wij aan meedoen, aan bijdragen, dat geloof ik.
Dat is de uitdaging wat mij betreft voor dit nieuwe jaar. Dat vraagt om creativiteit en om lichtheid. En om een andere weerbaarheid, die niet meegaat in de platvloersheid en de botheid die in ons land momenteel de boventoon voeren!
Geen grote woorden, geen zevenmijlslaarzen maar kleine stapjes en verrassende momenten.
En oefenen in anders kijken en anders leven, in anders omgaan met tijd, geld en mogelijkheden. Dat is de weerbaarheid van het geloof.
Het leven is te kostbaar om het te vermorsen, te verspillen aan dingen die er niet toe doen!
Ik wens u een gezegend, moedig, lichtvoetig en creatief 2012!
Erna Lensink